|
Anneke
|
Geplaatst op 12-10-2006, 16:47 |
Reageer
|
Berichten: 42
gebruiker
Verstuur privé bericht
|
De productie van wol vindt plaats in een groot aantal stappen. Hieronder wordt het houden en fokken van schapen daarbij nog buiten beschouwing gelaten.
Scheren
Schapen worden elk jaar in het voorjaar geschoren. Een ervaren scheerder kan tot ongeveer 150 schapen per dag scheren. Tijdens het scheren blijft ongeveer 2 centimeter wol staan.
Na het scheren wordt de vacht opgerold en verpakt in balen, die elk 170 kilogram wegen. Het schaap wordt soms na het scheren door een ontsmettend bad gestuurd, waarbij parasieten gedood worden. Sommige dierenbeschermers zijn van mening dat de schapen veel stress ervaren door dit scheren, en door de plotselinge blootstelling aan de buitenlucht. Veganisten zien op dezelfde grond dan ook af van het gebruik van wol.
Reinigen
De wol die van een schaap afkomt is vervuild met vet, zweet, gras en andere plantaardige resten. Rond de anus van het schaap zit ook ontlasting. Door de wol te wassen wordt het vuil verwijderd. Voor het spinnen is het echter nuttig als de wol nog enigszins vet is. Van nature bevat wol lanoline. Dit is een grondstof die in cosmetica wordt gebruikt. Vroeger werd lanoline ook gebruikt als lippenbalsem. Tegenwoordig kun je het ook nog kopen, maar de prijs ervan is hoog voor slechts kleine hoeveelheden.
Kaarden
Voor het spinnen wordt de wol gekaard. Daarbij worden de vezels ontward. Het kaarden gebeurt met een soort kam met stalen punten. Het kan ook machinaal gebeuren met een snel ronddraaiende cilinder voorzien van stalen punten. De vruchten van een plant, de kaardenbol zijn hier misschien ooit voor gebruikt. Met het kaarden verdwijnen ook de laatste restanten vuil. Na het kaarden kan er eventueel direct gesponnen worden. Voor een fijner resultaat moet echter eerst nog gekamd worden.
Spinnen
Hoe sterker de wolvezel, des te dunner kan de draad gesponnen worden. Van de beste kwaliteit wol kan 200 kilometer draad uit één kilogram wol gesponnen worden.
Tijdens het spinnen wordt de wol rondgedraaid. Hiermee worden de vezels met elkaar verbonden en wordt de draad sterker. Door te spinnen ontstaat een enkele draad.
Twijnen
De enkele draad die na het spinnen is ontstaan wordt met één of twee andere draden in elkaar gedraaid, waardoor een nog steviger resultaat ontstaat. Dit in elkaar draaien van meerdere draden heet twijnen en gebeurt in de tegengestelde draairichting als het spinnen. Hiermee wordt voorkomen dat de draden weer uit elkaar rollen, of juist in elkaar krinkelen.
Zetten
Om te voorkomen dat de gesponnen garens weer losdraaien wordt de wol soms gezet. Dit is vooral nodig voor gebruik in tapijt, omdat daar korte draadjes wol voor worden gebruikt. Het zetten gebeurt chemisch, of met gebruik van stoom in een autoclaaf.
Verven
Het verven kan in verschillende stadia van de productie van wol plaatsvinden, bijvoorbeeld voor het spinnen, maar ook na het weven. Ook wordt een geweven wollen lap of een tapijt wel bedrukt met verschillende kleuren.
Donkere wol, van een zwart schaap, blijft vaak ongeverfd.
Van streng naar wol
Na het spinnen is de wol in een streng gewikkeld. Om hiervan een handzamer formaat te maken om bijvoorbeeld te breien, moet de streng omgewikkeld worden in een bol wol.
Bron: Wikipedia
|
|
meld dit bericht aan een moderator
|
|
|
|